blog 6 van Marko de Jong

Ik vertel niets… Maar ik wil het wel

Als je mij volgt op ‘de socials’ dan weet je dat ik druk bezig ben met mijn tweede boek. Ik roep er soms iets over, maar eerlijk: ik zeg eigenlijk niets. De reden daarvoor is net zo kinderachtig als dat het simpel is: ik ben als de dood dat er iemand met mijn verhaal vandoor gaat.

Complete onzin natuurlijk. Ik weet het. Ideeën zijn niet heilig. Uitvoering is alles. Niemand kan schrijven zoals jij schrijft. Dat soort dingen. Dat vertel ik mezelf ook. En toch knaagt het.

Ik hoorde laatst in de podcast van Blok & Dijkstra lezen nog boeken (een aanrader trouwens), een verhaal over Pieter van de Wielen die Hotels in Parijs 1999 heeft geschreven. Heel kort daarover: Van der Wielen vond in ’99 een reisgids met 200 hotels in Parijs. Hij maakt er zijn levensdoel van om alle hotels in die gids te bezoeken. Ondertussen schrijft hij er een roman over.
Als hij dit idee, lichtelijk aarzelend, aan een vriendin vertelt, serveert deze het af. ‘Niemand zit op een reisgids te wachten,’ zei ze erover.
Twee jaar later bracht ze een boek uit: een roman over een artiest die hotels in Parijs afgaat.

Voor mij de bevestiging dat ik niet te veel moet ‘lekken’ over mijn tweede boek.
En toch roep ik af en toe iets.

Gisteren nog postte ik iets. Daarin vertelde ik dat ik de 57.500 woorden ben gepasseerd. Dit is hetzelfde aantal als Dezelfde botten, waardoor het voor mij toch voelt als een soort mijlpaal. Ik maakte ook een opmerking dat ik zelf ook benieuwd was naar het einde.
Dat was geen marketing trucje. Dat was echt zo… natuurlijk heb ik een idee, maar ik twijfelde of dit het beste was…
Voor mijn personages, voor het boek.
Voor jou als lezer.

Vanavond liep ik met onze hond Luna buiten. Podcast in mijn oor. En ineens viel het kwartje. Zo’n moment waarop alles even samenkomt. Ik wist niet alleen wat het einde moest zijn, maar ook waarom.
Ik kwam thuis, pakte mijn laptop en opende dat ellenlange Word-bestand waarin al mijn losse aantekeningen – ooit krabbels op papier – langzaam zijn uitgegroeid tot iets wat je voorzichtig structuur zou kunnen noemen.
Ik typte een paar regels. Niet meer dan dat.
Maar ik wist het zeker: hier werk ik naartoe. Dít is het einde.

Kan ik dan niets delen over dit nieuwe project? Jawel. Waar Dezelfde botten bestaat uit negentien losse verhalen – die wel degelijk met elkaar verbonden zijn – wordt dit boek een ‘literaire psychologische roman’. In die zin heeft het schrijven van Dezelfde botten dus écht iets losgemaakt. Iets wat een jaar of vijf onmogelijk was – het schrijven van een driehonderd pagina’s dik boek – lijkt nu ‘gewoon’ werkelijkheid te worden.

Wil ik meer delen? Ja!
Ga ik dat ook doen? Nee!
‘Maar je schrijft er wel een blog over?’ (Eerlijk? Dat dacht je, hè?)

Ja, omdat ik nu al zo ontzettend trots ben op dit verhaal, deze personages, de sfeer, het dorp dat ik bouwde en natuurlijk de verhaallijn…
Man, die verhaallijn. Zo fantastisch.

Nou vooruit dan:
Het gaat over een man.
Op een avond loopt hij, met zijn jas opgetrokken door zijn dorp. Hij baalt, hij zit vast op een plek waar hij zich eigenlijk niet meer thuis voelt.
En dan…

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *